Nadat ik de ijzers uit het vet had gehaald was ik er op uitgetrokken. Op een verlaten rivier maakte ik grote slagen terwijl de winterwind door mijn haren blies. Ik snoof de vrieskou op door een verstopte neus en vroeg mij af wanneer de volgende stempelpost zou komen. Het was de eerste keer sinds jaren wat waarschijnlijk de reden was van mijn vroegtijdige vermoeidheid. Ik zag de schaatstocht niet meer zitten en al klunend wende ik mij naar het dichtstbijzijnde herenhuis. Er deed iemand open die me zorgelijk aankeek. Als een blok viel in slaap op de roodleren bank, de schaatsen nog aan. Er kwam een boos telefoontje. De KNSB was woedend over het verlaten van de tourtocht zonder afmelding. Ik schrok wakker. Het zweet stond op mijn voorhoofd. Zomer in Argentinië, zelfs een laken is te warm. En terwijl het al dagen dooit in Nederland, droomde ik dus aan de andere kant van de oceaan over schaatsen.
...
Al in Uruguay droomde ik weg bij de plaatjes, verhalen en plekken van Patagonië in mijn reisboeken. Het zuidelijk deel van Argentinië dat erg dun bevolkt is schijnt wondermooie plekken te kennen. Bergen, meren, gletsjers, stranden en bossen zijn slechts een greep uit de natuurlijke schoonheden van dit land. Dus sloeg ik afgelopen twee weken een overlevingspakket in om er morgen, - maandag 18 januari - op uit te trekken. Als een Nederlandse koopjesjager bezocht ik tal van campingwinkels om mijzelf te voorzien van onder andere tent, slaapzak en wandelschoenen. Een reis van duizenden kilometers kent zo zijn voorbereiding. In mijn schetsboek heb ik een reis uitgestippeld waar ik nu al kippenvel van krijg. Morgen pak ik de trein naar Bahia Blanca. Het eerste deel van mijn reis volgt de oostelijke kustlijn van Argentinië. Het tweede deel van de reis zal zich in het westen bevinden langs de Andes, het gebergte dat Chili van Argentinië scheidt. Met de trein zal ik slechts enkele honderden kilometers reizen om vervolgens al liftend zuidwaarts te trekken. Gezien ik aan de andere kant van de evenaar zit, zal het richting het zuiden steeds kouder worden. Aangename temperaturen waar ik naar uit zie. Met camera en schetsboek, maar zonder laptop, zal ik komende week op mijn blog een reisverslag proberen bij te houden.
Nu is het avond en trek ik zoals gewoonlijk mijn hardloopschoenen aan. Ik ren vijf – blokken – om vervolgens een paar rondjes om het ovaalvormige park te lopen waar in de avonduren sprake is van een harde kern hardlopers, waaronder ik. Terwijl de zon langzaam wegzakt, spreidt zich een gouden gloed uit over de stad die de wolken hier en daar dezelfde kleur geeft als mijn voorhoofd. Blij herken ik de gezichten van het park; de boekverkoper met zijn ronde brilletje, de verhalende zwerver en de donkere percussionisten zijn slechts een greep uit dit levende theater dat de wereld heet. Voldaan en bezweet kom ik thuis. Ik spring onder de douche en met m’n ogen dicht droom ik weg over m’n reis. Ik ben benieuwd waar zal ik komende weken zal slapen, lopen en eten.
1 opmerking:
Hee Frank,
Ik volg nog steeds je verhalen op je blog. Wat tof dat je ook daar niet stil blijft zitten en nog verder gaat met reizen tijdens een toch al grote reis.
Bon Voyage! En meer foto's en schrijfsels zijn nog steeds welkom.
De groeten!
Stefan.
Een reactie posten