vrijdag 10 oktober 2008

Madrid - Buenos Aires

Als ik ’s morgens moe maar voldaan het vliegveld bereik, wordt ik nogmaals door Madrid (MADcity zoals een Spanjaard het noemde) verrast. Barajas Airport, ontworpen door Richard Roger is een lust voor het oog en bijzonder gebruiksvriendelijk. Ik vlieg via Colombia en besluit geheel zonder vooroordelen mijn gitaar en packpack te laten – wrappen – zodat er geen onbedoelde zaken in mijn bagage terecht komen. Het is even spannend bij de incheckbalie, hoe zal er gereageerd worden op mijn enkele reis ticket? De charmante vrouw achter de balie vraagt mij vriendelijk wanneer ik Buenos Aires weer verlaat. Gehuld in overhemd met stropdas probeer ik zo overtuigend mogelijk te vertellen dat ik met de boot naar Uruguay afreis om vanaf daar terug te vliegen naar Europa. Geen enkel probleem, een storm in een glas water, onnodige onrust.

Barajas airport, Madrid


Avianca, de maatschappij waarmee ik vlieg, blijkt met een fatsoenlijke boeing meer dan te voldoen aan de verwachtingen en met een vliegtuig vol Colombianen vertrek ik drie uur na de incheck uit Madrid. In het vliegtuig is het tijd voor de eerste taalbarriere. De Colombiaanse jongen leert me gedurende de reis Spaans, ik leer hem wat Engels. Zo’n tien uur later landen we voor een tussenstop in Calli, een dorp in Colombia. Het land ziet er fantastisch uit vanuit het vliegtuig. De plek waar we landen heeft meer weg van een willekeurige Nederlandse heemtuin dan van een vliegveld. Na een luid applaus voor de landing verlaat het overgrote deel van de passagiers het vliegtuig.

Calli, opstijgen
Calli - Bogota

Landing Bogota

De rest van de mensen, waaronder ik, blijft zitten voor het hervatten van de vlucht naar Bogota, de hoofdstad van Colombia. Twee uur nadat we geland zijn in een zonnig Calli landen we in een regenachtig Bogota. De vier uur die ik moet wachten op mijn vlucht naar Buenos Aires biedt mij de mogelijkheid om mijn eerste blog-berichten te typen. Na de Zweedse-worst-maaltijd bij de plaatselijke Colombiaan en duizend leestekens verder ben ik klaar voor vertrek naar Argentinie.

Worst

Wederom zit er een Colombiaan naast me, deze keer een charmante vrouwelijke variant. Na een leuk gesprek sluit ik de ogen en wordt ik wakker wanneer we boven Buenos Aires vliegen. Probleemloos passeer ik de douane en even later zit ik in de bus die me naar het centrum zal brengen.

Hola Buenos Aires
Met al m’n bagage neem ik een overvolle metro die me naar de wijk brengt waar ik deze week zal verblijven. Compleet uitgeput en snakkend naar een douche en een bed pak ik een taxi naar een hostel. Als ik in de taxi met m’n beste Spaans heb duidelijk gemaakt dat ik voor het eerst in Buenos Aires ben en uit Nederland kom is het gesprek geopend. Johan Cruijff! Het beste Nederlandse exportproduct ooit indien je verblijft in een voetballand als Argentinie. Met dezelfde overtuiging als hij over de twaalfbanige – avenida - rijdt verteld hij over z’n tijd als keeper bij het Nationale Argentijnse voetbalteam. Ik zit naast iemand die tegen ‘Van der Kerkhop’ heeft gespeeld en zonder moeite nog uren over oude rotten uit de voetbalwereld had kunnen praten, waar het niet dat we al voor het hostel staan. Het hostel is voor mij de ideale plek om even op adem te komen. Na een douche, een tukkie en weer een douche verlaat ik het hostel om Barbara, een couchsurfer in Buenos Aires, te ontmoeten. Bij kan haar kan ik deze week slapen. De vriendelijke Oostenrijkse woont in een studentenhuis in de Artistieke wijk San Telmo. Later op de middag ontmoet ik Isabel, een Argentijnse architect die ik via mijn toekomstige baas in Buenos Aires heb leren kennen in Rotterdam. Na een blik in de spiegel vraag ik haar of ze me kan helpen een bezoek aan de lokale kapper. De Argentijnse kapster ontdoet me van m’n Albert-Einstein-in-zijn-jongere-jaren-look, nu kan ik er écht tegen aan.

Naar de kapper in Buenos Aires (dag 1)

De stad maakt veel indruk op me. Hoewel ik voor mijn gevoel amper verwachtingen had voelt de stad vreemd aan. Ik moet wennen aan het idee dat dit mijn nieuwe thuisbasis is. Als je de weg vraagt wordt alles uitgelegd in hoeveelheden blokken, het dominante grid van de stad als reden. Naast de schoonheid van de gebouwen maakt de stad ook een rouwe indruk. De ongekend gastvrije mensen contrasteren met de relatief vieze straten. Het is lente in Buenos Aires, maar ondanks dit voelt het weer op mijn eerste dag meer aan als een warme winterdag dan als een zwoele Zuid Amerikaanse lente. Ook de Argentijnen beklagen zich vandaag over het weer met zijn gure wind. Uitgeput van de reis en de stad met al z’n indrukken val ik ’s avonds als een blok in slaap.

1 opmerking:

Anoniem zei

Hoi Frank, je bedoelt zeker Cali, oftwel Santiago de Cali, een "dorp" met meer dan 2 miljoen inwoners. Laat ana het maar niet horen..
http://en.wikipedia.org/wiki/Cali
Ik lees weer verder, moet nog veel inhalen..